Fryslân Boppe in grootste webwinkel

Fryslân Boppe in grootste webwinkel

Fryslân Boppe in grootste webwinkel

REDACTIE | Jean-Paul Taffijn

Bikini’s, pepermuntjes, rompertjes, vlaggen, zeepjes, mutsen, vingerhoedjes, aanstekers. En nog 1300 andere producten. Allemaal voorzien van pompeblêden. Henk-Johan Bisschop begon in een marktkraam en runt nu in Leeuwarden de grootste webwinkel in Friese spullen: Friese-producten.nl.

LEEUWARDEN – De Friese vlag. Natuurlijk staat die op de muismat die Henk-Johan Bisschop gebruikt. De blauwwitte banen met rode hartjes zijn overal om hem heen. Friese-producten.nl heet zijn bedrijf. En die naam dekt de lading nogal. ,,Nee, dit had elders niet gekund. De Friese vlag is met afstand de bekendste provincievlag van ons land.’’

Friese spulletjes, je ziet ze op heel veel plekken. Maar een winkel van deze omvang met louter Friese dingen, dat is uniek. Het is een kwestie geweest van puur deduceren voor de ondernemer. ,,Eigenlijk wilde ik ooit een winkel zoals Milo, in het centrum van Leeuwarden. Met wat souvenirtjes erbij en zo. Maar toen kwam de crisis. Winkeloppervlak is duur, dus was het tweede idee om zo’n zaak buiten het centrum te openen. Ik ben gaan strepen door alle producten die volgens mij niet uit zouden kunnen en uiteindelijk bleven alleen de souvenirs over.’’

Bisschop besloot de markt op te gaan. Letterlijk. Hij huurde een kraampje en ging Friese spullen slijten. Twee en een half jaar lang deed hij dat. ,,Ik heb er vooral respect voor marktkooplui door gekregen. Dat is echt een pittig bestaan.’’ Voor hem was het niet, dat bestaan. Een webwinkel leek hem praktischer, warmer in de winter en koeler in de brandende zon. ,,Ik had meteen al een webshopje, naast de marktkraam. Dat had als groot voordeel dat ik veel met mensen praatte en zo op ideeën voor nieuwe producten kwam. Maar ik wilde het grootser aanpakken.’’

Clicks en bricks, webshop en fysieke winkel, combineert de Fries nog altijd. In het pand aan de rand van het centrum van Leeuwarden heeft hij een fors magazijn van waaruit hij de webwinkeliers bedient. Voor in het pand is een winkel waar heel veel van zijn producten staan uitgestald. Een showroom als het ware, die twee keer per week open is. Een goede combinatie, weet hij. ,,Het wekt vertrouwen dat je ook ‘echt’ bestaat, niet alleen op internet. Bovendien weten steeds meer toeristen deze winkel te vinden. Dat is mooi om te zien. Je blijft ook in gesprek met je klanten op deze manier.’’

Het is een bestaan dat af en toe uit gokken bestaat. ,,Ik kwam ergens een prachtige stof tegen, met oudhollandse figuren, afgewisseld door pompeblêden. Heb ik een hele stapel keukenschorten van laten maken. Maar die gaan dus niet. Mensen willen alleen puur de Friese vlag kennelijk. Dat risico neem je. Er zijn ook spullen waar ik minder van had verwacht, maar die steeds aangevuld moeten worden. Babysokjes. Die blijven maar in trek.’’

Op souvenirbeurzen, op internet, in andere winkels. Daar doet Bisschop inspiratie op. Zou dat ding ook leuk zijn met een Friese vlag erop? En bovendien: zou het verkopen? ,,Je moet constant blijven vernieuwen om klanten te behouden en nieuwe te werven. Ik lever veel aan bedrijven. Relatiegeschenken, kerstpakketjes, dat soort dingen. Die moeten steeds anders van inhoud zijn. Ik ben continu op zoek, maar krijg ook steeds meer aangeboden.’’

Speciale vermelding verdienen de zogeheten Dickensville-huisjes. Die op de Elfstedentocht gebaseerde en op verzamelwoede gerichte verlichte huisjes kunnen zich verheugen in een grote schare fans. En een flink deel daarvan komt naar Leeuwarden om ze te kopen. Het zei via de weg, hetzij via een datakabel.

Ongeveer de helft van de klanten komt uit de eigen provincie. De andere helft woont in de rest van de wereld. ,,Mensen met Friese wortels komen hier langs. Vanaf de luchtmachtbasis hier bezoeken ook veel vliegeniers me die een souvenir mee naar huis willen. Je hebt in binnen- en buitenland zat Friese clubs. Die weten me online te vinden. Ik ben continu bezig met mijn vindbaarheid op het web. Dat moet je wel doen. Adwords, twitter, facebook, ik doe het allemaal. En het werpt zijn vruchten af.’’

En dan zijn er nog incidentele pieken. ,,In 2012 dreigde er een Elfstedentocht te komen. Toen was het gekkenhuis. Daar kun je je niet op voorbereiden. De Culturele Hoofdstad die eraan komt, dat kan wel weer zo’n piek worden. Maar ik kijk heel erg uit met spullen waarop een datum staat. Die kun je maar één keer verkopen.’’

Jean Paul-Taffijn

Jean Paul-Taffijn

Geplaatst op: 10 maart 2016

[GA TERUG]

Geef uw reactie:

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *